Top 35 Runner’s World Lage landen marathonranglijst 2019

Net als vorig jaar was het ook dit jaar weer uitkijken naar het Februari nummer van Runner’s World NL/BE om te kijken hoe het er in marathonland aan toe gegaan was in het afgelopen jaar en op de hoeveelste plaats we onszelf zouden vinden.

De opwaartse curve werd ook deze keer volgehouden al wordt het steeds moeilijker om nog plaatsjes te winnen. Daar waar ik vorig jaar nog op de 50e plaats stond, legde ik nu beslag op de 34e plaats, zowaar 16 plaatsen winst.

Een vergelijking van het aantal lopers vermeld in de Runner’s World marathonlijst over de laatste drie jaar, leert ons dat er systematisch meer mannen en vrouwen in slagen om een marathon respectievelijk onder 3 uur dan wel 4 uur te lopen en dat zowel in Nederland als in België. Ik denk dat we er dus mogen vanuit gaan dat de marathonsport nog steeds aan populariteit wint in de Lage landen. Opvallend is dat bij de mannen de Nederlanders na een status quo jaar ons in aantal weer voorbijsteken, al zijn de aantallen tussen de twee landen zeer vergelijkbaar. Een heel ander verhaal zien we bij de dames, waar de Nederlandse vrouwen duidelijk meer vertegenwoordigd zijn met een gelijklopende stijgende tendens in beide landen de laatste drie jaar. De Belgische vrouwen hebben hier iets goed te maken.

Tot slot maakte ik me de bedenking dat de limieten voor mannen en vrouwen – respectievelijk 3 uur en 4 uur – toch vrij ver uit elkaar lagen. Ik was benieuwd of er éénzelfde aantal lopers zou zijn uit beide groepen als de limieten vergelijkbaar waren. Daarom heb ik me gebaseerd op de respectievelijke WR bij de mannen (02:01:39, Eliud Kipchoge) en vrouwen (02:14:04, Brigid Kosgei) en via een simpele regel van drie berekend wat het equivalent is bij de vrouwen voor een tijd van 3 uur bij de mannen: 3u18m22s. Het aantal vrouwen dat er in slaagt om deze tijd te lopen is zowel in België als Nederland stijgend, maar de aantallen liggen beduidend lager dan bij hun mannelijke collega’s. De Nederlandse vrouwen doen het opnieuw iets beter. Conclusie is dat we dringend op zoek moeten naar snelle vrouwen die het evenwicht kunnen herstellen.

Laat ons tot slot nog eens inzoomen op de prestaties van de Belgische mannen en vrouwen.

Bij de mannen neemt Bashir Abdi met een nieuw Belgisch record de fakkel over van Koen Naert, die de laatste twee jaar de lijst aanvoerde. Beiden schuiven systematisch dichter naar de absolute wereldtop en ze maken de kloof met de nummer drie groter. In het algemeen wordt er over de hele lijn sneller gelopen, maar zeker in de top 5. Ter ondersteuning van deze vaststelling, met mijn tijd van 2:29:15 word ik dit jaar 34e (2019), maar voorgaande jaren zou ik een stuk dichter eindigen in de lijst, respectievelijk 23e (2018) en 20e (2017).

Bij de vrouwen zien we een ander beeld. Daar treedt eerder een nivellering op in de top 5 en zelfs top 10, met toptijden die zelfs iets achteruit gaan in sommige gevallen. Nina Lauwaert blijft ook dit jaar de Belgische koningin van de marathon. Verder is er ook bij de vrouwen een algemene sneller tendens die zeer gelijklopend is met deze bij de mannen.

Bron cijfermateriaal: Runner’s World Feb 2018, 2019, 2020

PK Cross Gooik – schildje veroverd in modderpoel

Het doet altijd plezier om terug te keren naar het Pajottenland en zeker als het naar Gooik, de parel van deze streek is. Al bleek al vlug dat het parcours allerminst een parel was dit jaar. Vorig jaar was de passage door de weide – waar op en af gelopen moest worden – al pittig, maar toen was er nog een min of meer beloopbaar pad. Dit jaar zakte je gewoon enkeldiep in de modder, daar kon niet aan ontkomen worden. Velen voor onze reeks hadden het al geprobeerd door alternatieve trajecten uit te testen en zelf probeerde ik het tevergeefs elke ronde ook opnieuw – links, rechts, midden – het bleef onveranderd zwaar werken om de zuigende en ijskoude modder te doorklieven. Naast het parcours was er nog een verzwarende factor voor de wedstrijd. Dit jaar fungeerde deze cross immers ook als Provinciaal kampioenschap wat toch steeds tot een sterkere bezettingsgraad leidt. Tot slot was dit ook een test om te kijken hoe het met de basisconditie stond na de voltooiing van twee trainingsblokken van 6 weken in de marathonvoorbereiding naar London. Neem daarbij nog de aanwezigheid van de familie als supporters en ik stond toch iets zenuwachtiger dan normaal aan de start. Door mijn tragere start vorig jaar was ik na een 300m even opgehouden, dus dat wilde ik dit jaar absoluut vermijden. Dit jaar nestelde ik me voor de start tussen de latere winnaars Koen Penninckx/GRIM (Masters) en Wout Debroyer/DCLA (Juniors) dus dit excuus kan ik nu niet inroepen.

En… ik werd niet opgehouden dit jaar, maar toch liep ik in de eerste km net dat beetje te hard van stapel, zodat het metertje stevig in het rood ging bij de eerste passage door de modderweide. Omdat we elkaar kruisten bij het op en af lopen, stelde ik ook vast dat eeuwige rivaal Chris Wouters/ROBA niet zo heel ver achterlag. En hoewel het voor hem reeds de derde wedstrijd van het weekend was en hij ook niet topfit was, heb je aan hem altijd een kwaaie klant. Na de passage door de weide volgde een rondje rond één van de ex-voetbalvelden van SK Gooik waarop ik wel in marathonmodus kon overschakelen. Ik merkte al vlug dat het deelnemersveld weliswaar uitrekte, maar dat de plaatsen behouden bleven.

Opdraaien over het brugje na de passage door de wei, klaar om weer tempo te maken (foto: Luc Van Ongeval)

Bij nog een volgende passage stelde Michel Jordens die ook naar Gooik was afgezakt me gerust. Ik lag op de 5de plaats bij de Masters (M35-45) en ruim voor in de M45 categorie. En zo zou het ook blijven tot aan de finish.

Op weg naar de finish in de laatste rechte lijn. (2020) (Foto: Luc Van Ongeval)

De finish lag precies op dezelfde plaats als bij mijn eerste kennismaking met de atletiek onder de vorm van de jaarlijkse scholencross. Alle Gooikse basisscholen bekampten elkaar op en rond dezelfde voetbalvelden.

Gooikse scholencross op dezelfde plaats (1983) (Foto: Luc Van Ongeval)

Voor mij was het de ontdekking van een nieuw talent.

Toen wel op het podium. (Foto: Luc Van Ongeval)

Onmiddellijk na de finish word ik bijgestaan door de trouwe supporters (Jill, Inne en mama Martine) die er voor zorgen dat ik geen kou vat. Op de achtergrond DCLA’er Davy Segers klaar om het podium als tweede bij de Masters (M35-50) te bestijgen. Van de originele blauw-gele kleur van de schoenen bleef weinig zichtbaar.

Net na de finish (Foto: Luc Van Ongeval)

Daarna volgde de nabespreking met Chriske Wouters/ROBA (6de) en ex-profvoetballer Yves Buelinckx/OEH (10de), de lijven duidelijk getekend door de modderige passages. Op de achtergrond is het niet duidelijk of Wouter Verbist/ROBA (18de) aan het bekomen of aan het nagenieten is.

Nabespreking met de collega’s. (Foto: Bram Van Ongeval)
Provinciaal kampioen Vlaams-Brabant veldlopen M45 – schildje

NYRR Virtual Resolution run 2020 5km: tradities moeten er zijn

Als je na drie opeenvolgende jaren reeds van een kleine traditie kan spreken dan is deze gratis virtuele run voor de derde keer georganiseerd door de New York Road Runners in samenwerking met Strava er zeker één aan het worden. Waar er bij de eerste editie in 2018 slechts 2788 deelnemers waren is dit aantal inmiddels serieus toegenomen (2019: 6915 deelnemers; 2020: 15651 deelnemers) en men is dus goed op weg om het deelnemersaantal van de echte wedstrijden te evenaren en misschien zelfs te overtreffen. Men is immers niet gebonden door veiligheidsoverwegingen of overvolle straten door de gedistribueerde participatie in tijd en ruimte in virtuele lopen. Ook in België neemt de populariteit zienderogen toe ( 2018: 18 deelnemers; 2019: 35 deelnemers; 2020: 103 deelnemers).

Net als verleden jaar werd ik in mijn poging bijgestaan door mijn fietsende zoon Jins die ook voor het beeldmateriaal zorgde. De weerscondities waren vrij goed met enkel een licht briesje traditioneel tegen in de laatste kilometers. Zoals steeds liep ik als opwarming het parcours ter verkenning om zeker te zijn dat er geen onverwachte wegenwerken gestart waren die de poging in de war zou kunnen sturen.

Een korte impressie op de Diestsesteenweg (Video: Jins Van Ongeval)

Om het wedstrijdgevoel een beetje te evenaren, drukte ik de BIB af die door de NYRR ter beschikking werd gesteld. Het mag een beetje raar ogen om met een loopnummer van een New Yorkse loopwedstrijd door Kessel-Lo te draven, maar het geeft altijd dat extraatje. Vanwege de verwachte tegenwind nam ik net als verleden jaar een beetje een behouden start, maar ook in de derde kilometer kon ik het tempo nog vrij hoog houden. In de laatste kilometer werd ik nog even door mijn fietsende zoon uit de wind gezet, maar in de eindspurt van de laatste honderden meter stond ik er alleen voor. Eénmaal over de virtuele eindmeet stonden we beiden uit te puffen.

Aangezien ik de virtuele 5km races steeds op hetzelfde parcours loop, zijn ze ook een beetje een graadmeter voor de conditie. Dit jaar voltooide ik de 5km in 16m32s wat de beste prestatie tot nog toe is (2018: 18m21s; 2019: 17m05s). De conditie zit blijkbaar al goed vroeg in het seizoen. Hopelijk kan ik hierop zonder blessures verder bouwen.

Bron: NYRR results. Vergelijking en progressie in de edities van de laatste drie jaar.

De sterkere tijd vertaalde zich echter niet in een betere rangschikking. Daar waar ik aanvankelijk 2de stond, kwamen er in de dagen erna nog een aantal sterke prestaties bij, zodat ik in het eindklassement op de 10de plaats beslag legde en dat zijn 3 plaatsen minder goed dan de vorige editie. Het groter aantal deelnemers zal daar niet vreemd aan zijn.

Eindejaarscorrida – met de familie doorheen Leuven

Dit jaar was de Eindejaarscorrida een echte familieuitstap doorheen Leuven. Naast de vier leden van het gezin was ook Roger – alias Apo – als trouwe supporter meegekomen om ons warm aan te moedigen. En dat was zeker nodig want rond 10u was het niet al te warm met slechts enkele graden boven het vriespunt.

Jins en Joline mochten de spits afbijten in de 4km. Ieder van hen had zich wel op een andere manier voorbereid. Voor Jins kwam de conditie vooral van de korfbaltraining, terwijl voor Joline één 3km loopje het weekend ervoor volstond. Gebaseerd op dat loopje was ons doel om na ongeveer 30 minuten terug aan het Ladeuzeplein te zijn.

We starten voorzichtig midden in het pak, wuivend naar de drone van ROB TV die met een live uitzending uitpakten met deskundige uitleg van onze Michel Jordens. Langzaam lieten we ons meedrijven met de massa. Jins liep mee met zijn vriend Roman en verdween uit ons zicht aan het einde van de Bondgenotenlaan. Maar Joline en mezelf bleven in een rustig tempo gestaag verder gaan. Na 2 km in het heuvelende stadspark begonnen we zowaar terug lopers in te halen. Voor Joline werd het nu ook moeilijker, maar toch beleef ze doorgaan. Naar het einde konden we zelfs nog een beetje versnellen waardoor we nog 30 seconden onder het half uur bleven. Jins was ondertussen al meer dan 4 minuten aangekomen. Een mooie prestatie van beiden.

Daarna was het de beurt aan Sophie en Brenda die 8km liepen. Ook hier was de voorbereiding door ziekte niet verlopen zoals gewenst. Toch hadden ze beiden op training de afstand reeds gelopen, dus we waren wel positief over de afloop. Meer nog Sophie slaagde erin om een minuutje sneller te lopen dan verleden jaar. Het was dus volkomen terecht dat ze met een zege gebaar de finish overging.

Ongeveer op hetzelfde moment mocht Tom starten voor zijn 12km. Aangezien ik niet meer geraced had sinds Chicago taste ik weer een beetje in het duister omtrent de conditie. Daarbij kwam ook nog de val medio December die er toch voor gezorgd had dat ik een tiental dagen last had met mijn linkerheup. Gelukkig was alles weer normaal nu, maar ik startte met de beperkte ambitie om in de top 30 te eindigen.

Gegeven die ambitie had ik me op de derde rij geposteerd samen met mijn marathon reisgenoot Werner en enkele andere Brokkenlopers. Ik voelde onmiddellijk dat de conditie goed zat toen ik net na de start moeiteloos naar voor kon doorschuiven. Bij de eerste passage op het Ladeuze plein na ongeveer 2km kwam ik als 15de voorbij. Ook toen we na het Hooverplein het Sint Donatus park indoken was ik nog steeds niet in het rood gegaan en bleef ik maar naar voor opschuiven. We klitten samen in een groepje die de 7de tot 10e plaats bezetten. Ik voelde me nog steeds sterk en probeerde nog een aantal opponenten kwijt te spelen. Op de helling van de Sint Antoniusberg hield ik bewust een beetje in om niet in het rood te gaan om dan weer over te nemen in afdaling van de Collegeberg naar de Oude markt toe. De hellingen zijn echter niet de enige moeilijkheid van dit parcours. Daarnaast is het bewaren van je evenwicht op de ongelijke kasseitjes van o.a. de Predikherenstraat minstens even moeilijk. Niet te verwonderen dat we in rij het betonnen gootje opzochten. Daarna ging het via de Vaartstraat langs “Dorre De Bakker” in de Diestestraat, maar mijn oog voor toeristische attracties begon nu wel te verminderen. We waren langzaam tot een 70 meter van Kevin Verluyten genaderd die op de 5de plaats liep.

Korte samenvatting van mijn Corrida (Originele beelden: live uitzending ROB-TV)

Bij het opdraaien naar links van de Bondgenotenlaan maakten we nagenoeg de eerste lus van 8km rond en tegelijkertijd ging het tempo de hoogte in om de achterstand tussen Kevin en het groepje te dichten. Ik moest alle zeilen bijzetten om nog te kunnen aanklampen als tweede, maar ik voelde stelselmatig met het naderen van het station hoe ik in overdrive ging. Ik draaide nog als tweede van het groepje de Maria Theresia straat in, maar daar was de kleinste helling er teveel aan, ik zakte meter voor meter weg uit het groepje. Er waren nog een drietal lastige kilometers in het vooruitzicht. Tijdens de passage aan het Ladeuzeplein onder het oog van de camera was het naar adem happen om terug mijn tempo vinden. Ondertussen had mijn groepje van voorheen Kevin bijgebeend, maar deze liet zich niet doen en hield dapper stand. Eindelijk was ik boven op de Naamsestraat en kon een korte afdaling richting Grote markt over het Hogeschoolplein beginnen. Ik hield het tempo nu strak zonder nog echt tot het uiterste te gaan. Voorbij het Pieter De Somer plein, net voor het opdraaien van de Leopold Vanderkelenstraat keek ik nog eens om en zag 150m achter mij nog niemand komen. Toen wist ik dat buiten alle verwachting de 10e plaats binnen was.

Foto’s: Racetimer

De knalprestaties van het gezin nog eens op een rijtje:
Joline (4.04km) – 29m30s (964ste)
Jins (4.04km) – 25m04s (494ste)
Sophie (7.625km) – 51m43s (1808ste)
Tom (11.65km) – 39m30s (10de)

Chicago marathon | 13 Okt 2019 | 02:29:15

Om mijn vijfde “major” ster te verdienen moest ik terug de Atlantische Oceaan over. Na een vlekkeloze en blessurevrije voorbereiding had ik het vormpeil eindelijk terug bevestigd gezien tijdens het BK Halve marathon in Wevelgem. Ook de externe factoren zoals het weer kondigden zich excellent aan. In de laatste twee weken bleef de weersverwachting immers constant in de voorspelling van droog weer met ideale marathontemperaturen. Toch zakten de temperaturen van de voorspellingen eens in Chicago aangekomen stilaan naar het vriespunt. Gelukkig was ik opnieuw goed voorzien van wegwerpkledij bestaande uit een trainingspak en een Buff dit keer. In de Walgreens kocht ik nog een paar extra lichte wegwerphandschoenen.

De ultieme droom was nog steeds om onder de 2u30 te lopen, maar 2u34 leek mij een meer realistische en haalbare kaart.

Op de dag van de waarheid ging de wekker rond 5 uur af, zodat we twee uur voor de wedstrijd klaar waren met ontbijten. Het was een licht verteerbaar ontbijt dat uit “Belgisch” brood van de Pain Quotidien met confituur bestond. De voorraad die meeging bestond uit 5 Maurten 100 gels, 3 met en 2 zonder cafeïne en een hotshot tegen de krampen. Daarnaast was er nog een flesje met een Maurten 300 Drink mix om de eerste voorraad van koolhydraten te leveren, wat net voor de start genuttigd moest worden.

Met dit in de zakken stapten we nog in het donker de stoep van het Congress Plaza hotel af en sloten we aan in de rij om de startzone te betreden. Door handig een nieuw openende rij te kiezen voor lopers zonder gear check – naar het hotel terug gaan na de finish zou immers minder ver zijn, dan terug naar de gear check – konden we quasi onmiddellijk richting Corral A doorstappen.

De belangrijke beslissingen waren reeds de vorige avond genomen: singlet en korte broek ondanks de voorziene 6°C. Net voor het binnengaan van het Corral was er nog gelegenheid voor een laatste sanitaire stop. Eens in het Corral ontstond er een klein opwarmrondje achteraan waar in file de opwarming gebeurde. Ik deed mijn gebruikelijke opwarmingsoefeningen die ik vrijwel elke loop doe. Qua schoeisel konden we kort zijn 95% had ofwel groene ofwel roze Nike Vaporfly Next schoenen aan. Gegeven de prijs van dit schoeisel stond er voor een mooi kapitaal bij elkaar.

Omdat zonder bril de armbanden met tussentijden die ze op de Expo uitdeelden voor mij niet leesbaar zijn en al zeker niet wanneer ik aan het lopen ben en ze bovendien geen tussentijden onder 3u hadden, had ik de avond voordien wat studiewerk verricht om de tussentijden voor eindtijden tussen 2u30 en 2u34 van buiten te leren.

Een tiental minuten voor de start kwamen de dames en heren elite lopers van rechts uit de VIP area vooraan aansluiten. Met nog een drietal minuten te gaan was het moment aangebroken om de laatste kledingstukken uit te doen en naar de kant te werpen. Jaarlijks haalt de organisatie zo 9 ton kledij op die aan AmVets – Amerikaanse veteranen – gedoneerd wordt. Na het Amerikaans volkslied en de finale voorstelling van de toppers kon er gestart worden. Er werd een minuut tussen de elite en recreatieve lopers gewacht. Meteen na de start gingen we kort ondergronds. Omdat de straten breed genoeg waren, was het geen probleem om je weg te vinden. Na een wat langzame kilometer van 3m40s kwam ik langzaam in het ritme. Ik sloot aan in een groepje van vier lopers dat langzaam van groepje naar groepje naar voor liep.

Na drie kilometer zag ik plots een atlete stappen met de vlechten die ik als die van Jordan Hassay, één van de Amerikaanse topfavorieten thuisbracht. Toen ik er voorbij was keek ik bewust achterom om de bevestiging te krijgen op haar borstnummer dat zij het inderdaad was. Achteraf bleek een gescheurde hamstring de schuldige te zijn.

Na mijl 8 bereikten we het meest noordelijke punt van het parcours en hield ik me bewust wat in wetende dat de wind nu een paar mijl in het nadeel zou blazen. Ik zorgde ervoor dat ik goed uit de wind zat, er was nog tijd genoeg om energie te verbranden. Er vormde zich een groepje van een 10-tal atleten waar ik me steevast met gemak op de tweede rij kon handhaven. Halverwege kwamen we door in 1u14m31s, nog steeds op schema om een knappe tijd neer te zetten.

Op een normale dag begin ik na 25km de vermoeidheid te voelen, maar niet op deze dag. Op een normale dag val ik stilaan stil en beginnen er van achter weer lopers me in te halen, maar niet op deze dag. Op een normale dag begin ik na 32 km de opkomende krampen te voelen, maar niet op deze dag. Op deze uitzonderlijke dag bleven de vermoeidheid en de krampen weg en bleef ik onverminderd lopers en vooral veel sub-elite loopsters inhalen.

In de laatste 8km was het tempo toch lichtjes naar beneden gegaan. In de laatste kilometer wachtte nog Mount Roosevelt – een 200m lange helling waar de krampen tenslotte toch op de loer lagen, maar eens boven was het links afslaan en dan nog een 200 meter bergaf naar de finish. Ik keek nog een laatste keer op mijn uurwerk, maar ik wist dat ik nog ruimschoots genoeg tijd had om onder de 2u30 aan te komen om mijn lange termijn droom in vervulling te zien gaan. Na 2u29m15s ging ik met de armen in de lucht over de streep.

Daarna volgde de ontlading en ook het ongeloof. 133e en tweede in mijn leeftijdsgroep (M45), de kloof met de toppers in mijn leeftijdsgroep was eindelijk gedicht.

Dit was mijn persoonlijke geschiedenis, maar er waren ook Bashir Abdi met een Belgisch record in 2u06m14s en vijfde plaats en een nieuw wereldrecord bij de vrouwen van Brigid Kosgei in 2u14m04s, waarmee ze het 14 jaar oude record van Paula Radcliff die zelf ook aanwezig was verbeterde. Ook mijn vaste kamergenoot Werner Heselmans, die ook maar sneller wordt met de jaren, zorgde voor een PR met 2u49m37s. Kortom genoeg redenen om na een deugddoende opfrissing te gaan vieren in het trendy restaurant The Gage op Michigan Avenue met een bruisende coupe Champagne. Na al die koolhydraten viel de vettige hamburger met frietjes des te meer in de smaak.

En de volgende dag genoten we naast een dagje sight-seeing ook van de obligate fotosessie aan Cloud gate, één van de vele landmarks in Chicago en vanwege de boonvormige gelijkenis ook wel The Bean genoemd.

Chicago international 5k – fris opwarmertje

Op zaterdag 12 Oktober 2019, de dag vóór de Chicago marathon wordt sinds 2016 de Internationale Chicago 5K wedstrijd gelopen. Met meer dan 130 nationaliteiten aan de start kan er terecht van een internationale loop gesproken worden. Het internationale karakter van de wedstrijd wordt dan ook speciaal in de verf gezet door de landsvlag van elke deelnemer op het startnummer aan te brengen.

Deelname was voor Werner en mezelf een aangename manier om de benen nog eens los te gooien. We hadden ons ingeschreven op basis van een 5min/km tempo maar waren toch nog in Corral A ingedeeld. Omwille van het rustige tempo en ook omdat bij de start om 7u30 een temperatuur van slechts 3°C was voorspeld, hadden we ons toch iets warmer aangekleed dan de volgende dag gepland. De singletten en korte broeken bleven op hotel en werden vervangen door lange broek en windjacket. Terwijl de eindstreep ongeveer voor de deur van ons hotel was getrokken, werd de mijl naar de start aan Daley Plaza in Washington Street als opwarming gebruikt. Toen we aankwamen weerklonk reeds het a capella gezongen Amerikaans volkslied en restten er nog een tiental minuten voor de start. Nadat we ons met enige moeite over de omheining in het A corral hadden weten te werken omdat we in onze haast aan de verkeerde kant van het startvak uitkwamen, werden we naast de race director verwelkomt door Deena Castor, Joan Benoit Samuelson en toen nog wereldrecordhoudster Paula Radcliff. Veel woorden werden er echter niet aan vuil gemaakt en voor we kou konden krijgen weerklonk de starttoeter. De slang kwam traag op gang en we lieten ons meevoeren met het tempo. Nadat we het blokje om waren gelopen liepen we enkele honderden meters onder de El (elevated train) van de Loop, een unieke ervaring. De straten waren vergelijkbaar met de Belgische dus zeker niet putvrij, maar alles lag er wel kraaknet bij. We hadden verwacht dat we onder de voet zouden worden gelopen door later gestarte lopers, maar dat viel reuze mee, een in Spiderman verklede loper niet te na gesproken. Voor we het goed en wel beseften draaiden we Michigan Avenue op. Na een bocht van 360° werden de beentjes nog eens kortstondig getest met een versnelling, alvorens naar Ida Wells en de finish af te slaan. We eindigden 252ste en 253ste in 22m37s.

Na de finish werden we nog overstelpt met gadgets, waarvan een originele Chicago muts niet alleen de mooiste maar zeker ook de nuttigste was. Het was net 8u toen we ons hotel weeral binnenstapte en ons ten volle konden concentreren op wat de volgende dag ging gebeuren.

Belgisch/Vlaams kampioenschap HM Wevelgem – 2de plaats (M45)

De tweejaarlijkse halve Alpro Leiemarathon in Wevelgem die tevens als Belgisch en Vlaams kampioenschap fungeerde op deze afstand, was de ultieme voorbereidingswedstrijd naar de marathon van Chicago. Hoewel de voorbereiding door blessure eerder laat was gestart, konden in de laatste 6 aanloopweken toch gemiddeld 120km/week worden gelopen. Over het echte vormpeil tastte ik volledig in het duister. Wat echter zeker was, was dat de verhoopte tijden op training alsnog uitbleven. Toch was er ook de ervaring die leerde dat dit volume genoeg is om terug op niveau te presteren. De voorspelde temperaturen waren rond 22°C en dus ook niet al te bemoedigend want aan de hoge kant. Ondanks de niet optimale condities, sprak ik bij mijn coach mijn ambitie uit om 1u15 te lopen.

Na een behoorlijk lange autorit, een vlotte inschrijving en een goede opwarming was het tijd om mij naar de startlijn te begeven. Aangezien ik deze keer toch met enige ambitie startte – ik had er de uitslag van 2017 op nageslaan en de geambieerde tijd kwam in de buurt van het podium – zorgde ik ervoor dat ik iets meer vooraan stond. Op de vijfde rij vond ik een plaatsje bij André D’haeyer, de M75 DCLA’er die zoals hij het zelf uitdrukt een onweerstaanbare drang voelt die sterker is dan hemzelf om bij elk kampioenschap aanwezig te zijn. Zijn ambitie was om onder de 2 uur te finishen. Hij zou daarbij bijgestaan worden door Dirk Galle. Tot dan toe verliep de organisatie vlekkeloos en op het juiste uur weerklonk het startschot.

Hoewel ik naar mijn eigen aanvoelen kalm aan begon, schoof ik toch stelselmatig op naar voor. Door toch nog te veel naar achter te starten was de kloof met de eersten echter al snel enkele honderden meters. Na twee kilometer sloot ik aan bij het derde groepje, waar ook Chris Wouters in zat. Op dat ogenblik twijfelde ik of ik nog naar het tweede groepje zou lopen wat een 150 meter ervoor liep, maar ik vreesde teveel krachten te verspillen in het begin van de wedstrijd, dus hield ik mij vooraan zoveel mogelijk uit de wind. Na een eerste plaatselijk rondje van 5km, ging het nu langs de Leie richting Kortijk. Het groepje verbrokkelde verder, maar ik hield mij bij mijn concurrent in mijn leeftijdsklasse. Toen we Kortijk naderde bleven we nog met 4 lopers over: naast Chris en mezelf (M45) ook Bjorn Voet en Jimmy Bultinck (M40). Bjorn hield het tempo hoog en door de zon die af en toe door het wolkendek kwam werd het ineens warm. Ik begon dorst te krijgen en kende een moeilijk moment, niet in het minst omdat we nog maar 9km ver waren en ik moeilijk kon bevatten om dit tempo nog tot het einde te kunnen volhouden. Blijkbaar was ik niet de enige die met moeilijkheden kampte want even verder kwamen we Kevin Verluyten, onze DCLA hoop op een goed resultaat tegen die langs de weg stond na afgehaakt te zijn bij het vorige groepje. Zware benen en niet in de wedstrijd zou ik achteraf leren. Toch zou hij de wedstrijd nog uitlopen als haas voor onze clubgenoot Marijke Willekens. Ook Jimmy in ons groepje zette zich plots aan de kant, waardoor het tempo van Bjorn naar beneden mocht… een welkome verademing. In Kortrijk aangekomen ging het de brug over om langs de andere kant van de Leie de weg naar Wevelgem terug aan te vatten. Deze terugweg was wind tegen en dat liet zich gevoelen in een verdere daling van het tempo. Waar ik in het eerste deel mij een beetje afzijdig had gehouden, kon ik nu ook een deel van het kopwerk doen. Al snel liet Bjorn ons gaan en er bleef dus een strijd van man tegen man. Regelmatig probeerden we eens te versnellen, maar meer dan enkele meters voorsprong kreeg geen van ons beiden. Plots werden we hoogst ongewoon voorbijgelopen door een aantal beduidend snellere lopers. Ze waren onderdeel van de vijf onfortuinlijke lopers die vooraan liepen en in Kortrijk door een signaalgever verkeerd waren gestuurd. Echt onbegrijpelijk voor een kampioenschap.

Door de aanhoudende strijd konden we niet versagen en liepen we ook stelselmatig nog een aantal lopers in. Ondertussen werd het ook duidelijk dat het op een sprint zou aankomen wat naar ik vermoede in het voordeel van Chris zou zijn, aangezien hij sneller is op kortere afstanden. Maar een sprint moet natuurlijk nog gelopen worden na 21km. Met een 800 meter te gaan versnelde Chris en hoewel ik ook versnelde, verzuurde de benen toch plotsklaps. Ik moest vaart minderen en zag hem verder wegschuiven op weg naar een Belgische en Vlaamse titel. Meer dan een tweede plaats zat er vandaag niet in. In het algemene klassement legde ik beslag op een veertiende plaats met een tijd van 1u14m08s.

Daarna begon het lange wachten op de prijsuitreiking aangezien er heel wat discussie was omtrent het podium voor de seniors. Van deze tijd maakte ik gebruik om nog een tiental km uit te lopen, maar zelfs bij het terugkomen kwam er ondanks ongeduldig aandringen van enkele van de atleten weinig schot in de zaak. Het uiteindelijke voorlopige oordeel was dat de uitslag gehandhaafd zou worden zoals de lopers over de meet waren gekomen.

In onze categorie was het echter duidelijk wie aan het langste eind getrokken had. Toch zouden we pas 4 uur na aankomst op het podium mogen plaatsvatten. Bij zo een wedstrijd is er achteraf altijd opnieuw een aantal what-if scenarios die in je hoofd afspelen: wat als ik vooraan was gestart, wat als ik toch naar het tweede groepje was gelopen, wat als ik het voor de sprint nog eens geprobeerd had… feit is dat ik het allemaal niet gedaan hebt. Gedane zaken nemen geen keer. Al bij al keerde ik tevreden en met enig optimisme terug uit Wevelgem… echter veel later dan voorzien.

Er waren ook nog zilveren medailles voor DCLA’ers Marijke Willekens (W55) in een knappe 1u30m15s en André D’haeyer (M75), die ondanks een zwak momentje wat hem de beoogde twee uur eindtijd koste toch verdiend op het podium mocht met een tijd van 2u09m09s.

Dwars door Oetingen – 3de plaats in hete thuismatch

De volgende voorbereidingswedstrijd voor de Chicago marathon was de kermisloop in voormalig thuisdorp Oetingen. Daar ging reeds voor de 17e keer de stratenloop^“Dwars door Oetingen” door.

Van de  verschillende afstanden had ik voor de 16,6 km gekozen. Deze afstand was verdeeld over twee rondes die door het domein van Steenhout voerden. Wie weet dat Oetingen een deelgemeente van Gooik – de parel van het Pajottenland – is, begrijpt meteen ook dat het hier niet om een vlak parcours ging. In een mix van off-road en weg moest er elke ronde een hoogteverschil van meer dan 100m overwonnen worden. En als het parcours niet voor een schifting zou zorgen was er altijd nog de zomerse temperatuur van 30°C. Gelukkig hadden de organizatoren een extra bevoorrading ingelegd. Uiteindelijk konden toch een 40-tal dapperen gevonden worden om deze uitdaging aan te gaan.

Ik was trouwens niet de enige van de familie die de loopschoenen op deze zonnige kermisdag aantrok, ook petekind Jill en broer Bram maakten in respectievelijk de 500m en 4km races hun opwachting.

Jill was de eerste die aan de beurt kwam. Begeleid door haar papa en ondanks de ademnood zette ze onder luid applaus van de familie toch moedig door. Als 24e en 8ste meisje huppelde ze over de streep.

De 4km wedstrijd van Bram ging van start nadat de langere afstanden reeds vertrokken waren. De deelname was een bevlieging van het laatste moment en er was dan ook geen voorbereiding aan vooraf gegaan. Gelukkig stond hij deze keer niet op zijn pantoffels. Na een wat snelle start kon hij beslag leggen op een 17e plaats als derde Master A (40-49). Zeker niet slecht.

Ikzelf had deze wedstrijd meer als een trainingsloop opgevat. Om aan de nodige kilometers te komen in voorbereiding op de marathon had ik reeds ’s morgens in alle vroegte met Lieven Capon een zwarte lus van de Lindense bosloop rond gemaakt. Na de opwarming stond ik dus om 15 uur reeds met 16km op de teller aan de start.  

Wetende dat het nog een uitputtingsslag zou worden, startte ik eerder behouden op de bedding van de vroegere trambaan (de tramroute) en een 10-tal atleten liepen zachtjes weg. Na een paar kilometer lagen de posities min of meer vast. Op dat moment kwam ook de latere winnaar Sam Moureau voorbij. In een wedstrijd waarin twee afstanden (8 en 16km) samen vertrekken is het altijd weer even stand van zaken nemen na de eerste ronde om je ervan te vergewissen wie er nog een tweede ronde aanvangt. Blijkbaar lag ik op een vierde plaats. Ondanks de extra drinkbus bevoorradingen van mijn papa zag het er naar uit dat ik net naast het podium zou stranden. Net voor zijn laatste extra bevoorrading zag ik echter een loper langs de kant van de weg zitten, geholpen door twee supporters. Later bleek dat het ging om de eerste in de wedstrijd die op minder dan 2km voor het einde bevangen door de hitte al zwijmelend was moeten stoppen. Hij was blijkbaar ook ziek geweest de week ervoor. Voor de zekerheid werd hij dan ook naar het ziekenhuis afgevoerd. Daardoor – en ook geholpen door een gelijktijdige wedstrijd in Huizingen die de top van de lokale atletiekclub ACP weghield – werd ik nog onverwacht derde.

Na de finish volgde traditioneel nog een zeer uitgebreide tombola onder de deelnemende kinderen en volwassenen. Hierbij viel Jill deze keer in de prijzen met een fietshelm.

Tenslotte volgde de verschillende podia. Aangekondigd als de zoon van de dokter van Oetingen mocht ik eerst als 3e algemeen mijn toch al uitgebreide bierflessen collectie verder aanvullen, om vervolgens nog eens opwachting op het podium te maken als eerste in de Masters A (40-49) categorie.

Daarbij was het een hele eer om samen met de winnaar van de Masters C (60-69), de Borchtlombeekenaar Willy Huylenbroeck – winnaar van de Amsterdam marathon 1986 (2:14.46) en Belgische marathon kampioen 1989 (2:19.10) – op het podium te mogen staan.

Bron: Belg kiest juiste weg Leidsch Dagblad, 12/05/1986; p. 17

Linden Bosloop 2019 – gezellig onderonsje van de Brokkenlopers

Op vrijdagavond 16 augustus was het verzamelen geblazen voor de fine fleur van de Lubbeekse loopscene op de Lindense bosloop, één van de vier manches van de “marathon van Lubbeek”. Er stonden drie afstanden geprogrammeerd: 4, 7 en 14km. Het parcours was nagenoeg hetzelfde als verleden jaar, alleen waren start en finish verschoven naar het Chirolokaal in de Kerkdreef. Dat betekende dus voor de langste afstand dat er – na een inlooprondje – in 2 rondes heel wat geklommen mocht worden.

Het voordeel van een wedstrijd zo dicht bij huis is dat je er als opwarming naartoe kan lopen. De benen voelde nog wat zwaar aan van de trainingen van de laatste weken. Ik had dan ook geen speciale rust gehouden als voorbereiding. Het was eerder een goede manier om een doorgedreven training te hebben. Naast een ruime aanwezigheid van Brokkenlopers, was er ook een ruime vertegenwoordiging van de familie Heselmans want naast Werner was ook de tweeling van de partij.

De warm-up gebruikten we om Tibo en Tobi aan te moedigen die in de 4km beslag legden op de 6de en 7de plaats. Tobi bleek net iets sterker te zijn vandaag.

Dan werd het voor ons ook tijd om ons naar de startlijn te begeven. Afgaande op Werner’s tempo op training schatte ik dat we ongeveer aan hetzelfde tempo zouden lopen. Met enige vertraging klonk het startschot. In de inloopronde van ongeveer één km legde de wedstrijd zich meteen in een min of meer definitieve plooi. Ikzelf sloot aan bij Alain Iwens en zonder een woord te zeggen, vonden we elkaar in het regelmatig afwisselen aan de kop. Soms nam de éné een beetje voorspong dan de andere maar nooit meer dan een paar meter. Bij de eerste passage aan de meet vernamen we dat we op een 5de en 6de plaats lagen.

Voor ons zagen we nog Frank Van De Weyer in 4de stelling lopen. Bij het afslaan van de Nachtegalenstraat zag ik dat Werner een 25m achter ons liep. Bij de bevoorrading boven op de Kasteeldreef had ik de indruk dat hij zelfs dichterbij kwam en ik besloot om hem een beetje op te wachten, met het idee dat we misschien een groepje van drie konden vormen. Net toen hij op het punt stond aan te sluiten in de steile afdaling uit het bos hoorde ik een scherpe kreet achter mij. In de donkerte van het bos had Werner zich mistrapt en zijn enkel omgeslagen. Ondanks de pijn ging hij gewoon door. Ondertussen was de kloof met Alain iets te groot geworden om nog terug te keren. We hielden het tempo wel strak en kwamen met de glimlach binnen op een 6de (Werner) en 7de plaats (Tom).

Vijf minuten eerder had Kevin Verluyten afgetekend gewonnen voor Chriske Wouters en Bart Geldof. Voor de rest werd het bijna een clean sweep van de Brokkenlopers in de top 10, toch wel een indrukwekkende prestatie. Die doorgedreven trainingsmethodes van Jeroen werpen duidelijk hun vruchten af…

BK 10km op de weg – anonieme 117e plaats

Reeds een tijdje stond het BK 10km aangevinkt op de agenda als de volgende voorbereidingswedstrijd voor de najaarsmarathon in Chicago. Het zou een goede graadmeter moeten worden van waar ik stond aan het begin van de marathonspecifieke training en ik koesterde ook wel de ambitie op een goed resultaat.

Op het BK5000m in Sint-Niklaas begin Juni had ik toch een beetje geforceerd zodat de sluimerende zeurende pijn aan de buitenkant van het rechterbeen opeens heel acuut werd. Toen na het nemen van een beetje rust bleek dat bij het hernemen van de training de pijn terug kwam, werd het dus tijd om medische assistentie in te roepen. Het verdict was hard: een ontsteking op de pereonale pezen, een blessure die niet zo gemakkelijk geneest. Hier moest een specialist bij geroepen worden. Mijn kamergenoot in Boston, Werner Heselmans had goede evaringen met kinesist en gerenommeerd marathonloper Dennis Laerte. Al bij het eerste bezoek werden een aantal zaken duidelijk: ten eerste waren mijn bilspieren te zwak waardoor er teveel gevergd werd van de onderbenen en ten tweede zou de correctie hiervan tijd vergen, meer dan de voorbereidingstijd voor dit BK. Ik moest dus elke ambitie opgeven vermits er in de voorbereiding wel zou kunnen gelopen worden, maar met een lager volume en zonder het snelheidswerk. Voor de versterking van de bilspieren werden squat-achtige oefeningen dagelijkse kost. Volgens Jay Dicharry moet je de spieren die je wil stimuleren 4 tot 6 duizend keer gebruiken vooraleer ze in het spiergeheugen zitten. Dus werd er vanaf dan 120 keer per dag ge-squat. Als we daarbij nog de vakantie optellen, wat traditioneel een periode is waarin het moeilijker is om de strikte looproutine te vrijwaren, dan besefte ik maar al te goed dat ik geen enkele aanspraak zou kunnen maken op een goed resultaat. Meer nog de deelname kwam zelfs volledig in het gedrang toen ik een week voor het kampioenschap een terugval kende en opnieuw pijn had bij het stappen.

Hoewel mijn coach er niet echt achterstond, wou ik toch graag naar de wedstrijd voor de sfeer en om de concurrenten eens terug te zien. Een lichte pijnvrije test van 10km daags voordien, gaf mij genoeg vertrouwen om de volgende dag naar Lokeren af te zakken. Om mezelf toch een uitdaging te geven was het doel om 36m30s te proberen lopen.

Ik moest even glimlachen toen mijn naam werd afgeroepen als Belgisch kampioen op de piste op deze afstand en één van de kanshebbers in het duel om de Belgische titel bij M45. Ik wist wel beter… en aangezien ik toch geen ambitie had om met de eersten te lopen nam ik meer achteraan in het startvak plaats, wat toch meteen al een achterstand van 10 à 20 seconden oplevert vooraleer je echt kan beginnen lopen.

In de eerste kilometer passeerde ik nog heel wat lopers, maar in de volgende kilometer stabiliseerde zich de plaatsen en liep ik gewoon mee met de lange loopslang. Ik zag dat Eddy Vierendeels ongeveer 15 meter voor mij liep en hoewel ik graag wou, was ik niet in staat om het laatste gat te dichten. Wegens een schrijnend gebrek aan snelheidskilometers ging het heus niet van harte in deze eerste kilometers en het duurde tot km 7 vooraleer het lopen een beetje comfortabeler werd. Sneller dan verwacht kwam de finish in zicht, er restte nog een laatste ronde op de piste. Ik was verbaasd toen mijn clubgenote Charlotte Dewilde mij sprintend passeerde met nog een halve ronde te gaan, vooraleer uit te lopen en zich naast de piste te vleien. Ik riep haar nog toe dat de finish na de bocht lag. Later vertelde ze me dat ze dacht dat daar al de finish was. Een beetje bizar terwijl ze juist zo een mooie wedstrijd liep, want het koste haar natuurlijk wel enkele extra plaatsen. Toen ik de finish in 36m10s overschreed liep ik nog steeds 3 seconden achter kersvers Belgisch kampioen Eddy (M65). Ik kon zeker leven met dit resultaat, temeer daar de blessure niet opgespeeld had. Het feit dat ik slechts 117e was is een goede weerspiegeling van de sterkte van het deelnemersveld.

In mijn leeftijdscategorie was het goud voor Stefaan Van Den Broek die een mooie reeks van overwinningen in deze wedstrijd aan het neerzetten is, voor Chriske Wauters en de Belgische kampioen op de 5000m, Dirk Vermeiren. Mijn rechtstreekse concurrent van het BK10km op de piste Gert Stuyven werd zesde, terwijl ikzelf negende werd.  Koen Naert onze Europese marathon kampioen was de snelste bij de senioren. Marijke Willekens (M55) van DCLA tenslotte heeft al gans het jaar een abonnement op zilver en dat was in Lokeren niet anders.